Johannes 20: 17        EEN NIEUW BEGIN

Pasen, 4 april 2021

 

Gemeente van onze Heer JC,

 

1       Het Paasevangelie van Johannes bracht ons als collega’s uit Zuid-Afrika en Nederland op dinsdag 16 maart online bij elkaar. We lazen toen in een videobel-ontmoeting diezelfde Bijbelwoorden als vandaag over de Maria uit Magdala en de tuinman. Ze klonken in verschillende talen: Xhosa, Twents, Nederlands, Afrikaans en Engels. Tekst en context kwamen hier via het computerbeeldscherm samen. De context was nu niet apartheid, racisme of armoede, maar het waren corona en Covid-19 die ons allemaal zo enorm bezighielden. Want ook daar in Stellenbosch en Kaapstad liggen de kerkdiensten nu stil, ook daar sterven gemeenteleden aan corona en lijden velen aan angst, stress en grote zorgen.

 

2       Vanuit de context van onze wereldwijde pandemie zoomden we in op Maria uit Magdala. Maria huilt bij het graf. Haar tranen zijn o zo herkenbaar. Een liefste is gestorven. Je hoofd en je hart staan stil. Het is één en al verdriet dat jou verlamt. De tranen van Maria weerspiegelen onze eigen tranen in tijden van rouw en gemis. Wie is het die haar troosten kan? Wie of wat kan haar nog helpen? Jezus spreekt Maria aan. Hij ziet haar tranen; Hij leeft met haar mee, zoals Hij altijd al had gedaan met treurenden op zijn levensweg, ook voor zijn eigen dood en begrafenis. Waarom huil je? Wie zoek je? Maria...

En vervolgens herkent Maria ineens in de tuinman haar Meester!! Ze wil maar één ding en dat is: Jezus omarmen, Hem vasthouden, Hem intens en warm aanraken....

 

3       Het was precies dit ene zinnetje, die ons allen in die beeldbelontmoeting met Zuid-Afrika bezighield. Jezus’ woorden tot Maria: ‘houd mij niet vast.’ Dat kwam binnen.

Na ruim een jaar van corona snakken we er toch allemaal naar. Een kus, een omhelzing, een knuffel, vooral als we geconfronteerd worden met ernstige ziekte en overlijden in familieverband. En steeds weer luidt dat strenge protocol: geef elkaar geen hand, houd anderhalve meter afstand, raak elkaar niet aan.

We voelen ons a.h.w. besmet als paria’s. De jeu is eraf. De angst en stress zitten velen diep onder de huid. Huidhonger, helaas nog even geduld; de vaccinaties komen eraan.

 

4       Raak mij niet aan, die woorden van Christus, de Opgestane en Levende, horen we Pasen anno 2021 met heel andere oren dan vroeger. Maria moet haar oude Jezusbeeld loslaten. Ze moet haar verdriet en angst loslaten. Ze moet accepteren dat de omgang met Christus na Goede Vrijdag van een heel andere orde is. Ze mag door haar tranen heen met andere ogen gaan kijken naar haar dierbare Meester. De ogen van liefde en overgave, de ogen van vertrouwen en hoop.

Jezus, haar gestorven en opgestane Heer, zal nu alle ruimte krijgen om op te stijgen naar de Vader. Pasen brengt allen die achterblijven op een ander niveau, op een andere golflengte. Niet het fysieke contact is wat overblijft, maar juist die geestelijke ontmoeting is wat werkelijk van waarde wordt.

 

Raak mij niet aan...Pasen wil zeggen: laat los, geef alle ruimte aan een nieuwe relatie met Christus. Herzie alles wat je hebt gehoord en gezien in het verleden. Jezus verrijst uit de dood, en hij stijgt boven ons verstand, en Hij stijgt op tot Goddelijke Hoogte. En alleen zo kan Hij op nieuwe wijze binnen dalen diep in ons hart.

 

5       Terug naar ons videogesprek over het Paasevangelie met Zuid-Afrika. Elke deelnemer mocht in één woord zeggen wat Pasen voor hem of haar betekent. Dat leverde deze speciale woordwolk op. Doorbraak, verbazing, leven, troost...maar één woord sprong er echt uit: HOOP.

 

Pasen 2021 vieren wij anders dan anders. We kunnen elkaar nu niet aanraken, geen hand geven, niet samen zingen... Raak mij niet aan. En toch...ondanks deze wereldwijde lockdown klinkt het Paasevangelie des te indringender door. Laat het oude los, en maak ruimte in jouw leven voor de Hoop. Hoop dat dood en onheil niet eeuwig zullen duren; hoop dat Gods liefde toch altijd weer mensen aanraakt en troost geeft en vertrouwen schenkt op een nieuw begin. Of zoals Monique haar verhaal eindigde: “Geloof is voor mij een zoektocht met vragen en twijfels en het laat mij niet los.

Het laat mij niet los, zeker nu niet, in de Paastijd. De afgelopen 40 dagen hebben we gehoord van de 7 werken van barmhartigheid, dit sprak mij aan. Zorgdragen voor elkaar en voor de aarde. Jezus is een daarin een inspirator tot op de dag van vandaag ook voor mij.”

 

6       Maria werd een ander mens. Zij bloeide in de graftuin op. Ze had de Heer gezien! Midden in de dood ervoer ze een nieuw begin nieuw leven. Een ongelooflijk goed bericht om te delen en elkaar toe te zwaaien (zoals in beeld).

Dat ook u, jij en ik ons

in onze crisis zo weten aangesproken

dat ook wij niet bij de pakken neerzitten in onze quarantaine

dat wij ons deze Paasmorgen opnieuw laten voeden

met Gods wonderlijke Liefde, daar in de graftuin

en met het mysterie van Zijn Nieuwe Begin met ons

Zijn Liefde is sterker dan de dood. De Heer is opgestaan.

Hoop op God, houd vol en heb lief.

 

Want eens zullen wij weer samen schouder aan schouder zingen:

Sta op! - Een morgen ongedacht, Gods dag is aangebroken,
er is in één bewogen nacht een nieuwe lente ontloken.

Het leven brak door aarde en steen, uit alle wonderen om u heen spreekt, dat God heeft gesproken.

 

Amen


MARCUS 11: 11           OP WEG MET JEZUS...VAN HOSANNA NAAR DE STILTE     

PALMPASEN zondag 28 maart 2021,

Lieve mensen,  

 

1       Hoe zou Jezus vandaag onze stad Zwolle bezoeken op Palmzondag? Opnieuw op een ezel? Dat lijkt me zeer onwaarschijnlijk. Wij leven toch in een totaal andere wereld. Ezels zien we hooguit in de wei staan. Maar zodra er iemand op gaat zitten, wordt hij vreemd aangekeken, zo niet ervan afgehaald. Is dat niet zielig? Met onze moderne westerse ogen kijken we vreemd aan tegen ezels als rijdier of lastdier. Wij hebben zo onze eigentijdse vervoermiddelen. Met motor of accu.

Het is anno 2021 lastig om Jezus op een ezel in Zwolle of bij onszelf te laten arriveren. Bij een ezel hebben we ook nog eens aparte associaties. Dit arme beest heeft inmiddels een negatieve klank gekregen: zo dom als een ezel. Het is een scheldwoord geworden.

 

2       Het kost ons als Bijbellezers van nu dan ook altijd weer moeite om de symboliek en diepere betekenis ervan in te zien. Voor de volgelingen van Jezus 2000 jaar terug was dat heel anders. Ezels kwam je overal tegen. Iedereen reed erop. En toen Jezus op een ezelsveulen ging rijden, snapten ze meteen de link met de droom van de kleine profeet Zacharia: ‘Zie, de nieuwe vredekoning, die rijdt op een ezel, rechtvaardig en zachtmoedig.’ Het gaat hier dus om de weg van Jezus, als sjofele koning. Zijn weg is niet die van een krachtpatser of hoogmoedige dictator hoog te paard; neen, Jezus’ weg is een weg van eenvoud, deemoed en compassie met de zwakkeren.

 

3       Hoe zou Jezus nu dan aankomen in onze woonplaats? Zouden we hem herkennen? Misschien zou Jezus gewoon een lage fiets pakken. Maar ik ben toch bang dat ik hem niet zou herkennen. Laat staan dan ik voor hem zou staan juichen en zingen in een mensenmassa. Dat laatste zou trouwens in onze coronatijd met zijn lockdown en avondklok ook meteen in de kiem worden gesmoord. Hoe zou ik Jezus dán kunnen zien en ontmoeten?

 

4       Met enige jaloezie kijk ik naar het Palmpaasfeest waarover de evangelist Marcus schrijft. Jezus wil het joodse Pesachfeest gaan vieren. Hij is één van de vele pelgrims. Hij bevindt zich nu op weg naar Jeruzalem op het laatste tussenstation: tussen de dorpen Betfage en Betanië bij de Olijfberg. Deze pelgrimsplek ligt zo’n 3 kilometer verwijderd van de tempel. Dat is, zeg maar, ongeveer de afstand van onze rode Hanzeboog over de IJssel naar de Grote Kerk in hartje Zwolle. Nog even uitrusten, nog even tijd nemen voor een warm bad, voordat de laatste etappe begint.

Het heeft iets van een merkwaardige generale repetitie. Jezus klimt op de ezel. Ineens barst iedereen in jubelzang uit voor deze Messiaanse vredekoning. Ze leggen hun mantels neer, zwaaien met palmtakken en zingen een couplet uit de pelgrimspsalm 118: Hosanna! Hosanna, dat betekent overigens letterlijk: ‘God help ons toch.’ Een schreeuw om hulp.

 

5       Terug naar Zwolle hier en nu in coronatijd. Wat kan dit verhaal voor ons betekenen? Het lijkt zo lang geleden, en zo ver weg. Wij zouden Jezus niet herkennen. Laat staan voor hem juichen. Wat dan?

Ineens viel mijn oog op de slotzin van ons verhaal. Het is zo’n merkwaardige ontknoping. We lezen: Jezus trok de tempel in. Daar nam hij alles in ogenschouw en daarna ging terug naar Betanië.

Alle feestgangers zijn weg, alle hosanna’s zijn verstomd, het is stil op straat en stil op die heilige plek. En Jezus kijkt, en hij kijkt met volle aandacht. Wat zou er nu door hem heen gaan?

 

6       Misschien zit de clou van Palmpasen hem juist wel in die aandachtige ogen, zo realiseerde ik me ineens. Eigenlijk zie en lees ik dat nu pas voor het eerst. In Jezus’ stille meditatie en contemplatie zit wellicht wel de ontknoping. Jezus zoekt in alles het contact met God. Hij kijkt verder en dieper. Hij weet dat Hij de weg naar Jeruzalem nogmaals zal moeten afleggen. Dan als via dolorosa, een weg van pijn en smart, met de dood voor ogen.

 

Wat betekent Palmpasen nu in onze enerverende pandemie? Laten we het zingen en juichen nog even parkeren...laten we nog even diep ademhalen en net als Jezus alles stil en aandachtig in ogenschouw nemen.

 

Komt Hij niet elke dag langs?

Leeft zijn Geest niet voortdurend in ons hart?

Zijn geest van de nederigheid en lankmoedigheid,

de geest van de eenvoud in werken van barmhartigheid.

Daar kan ik zijn stille stem horen

Daar kan ik hem ontmoeten in de ogen van mijn naasten.

De stille stem (Zie bloemschikking)

 

Ik heb honger. Geef jij mij te eten?

Ik heb dorst. Geef jij mij te drinken?

Ik ben naakt. Geef jij mij kleren?

Ik ben gevangen. Kom je mij opzoeken?

Ik ben ziek. Wil je voor mij zorgen?

Alles wat je aan de minste doet, dat doe je aan Christus.

 

Of zoals Mineke met haar verhaal eindigde: Hij heeft aan mij zijn leven

en liefde doorgegeven tot grond van mijn bestaan.

 

Hosanna, gezegend ben je als je komt in de naam van die Heer...

Een goede Stille Week gewenst. Amen

 


EEN INDRUKWEKKEND ONDERRICHT

MARCUS 1: 22                      31 januari 2021, Onlinekerkdienst in de Oosterkerk te Zwolle

 

OVERDENKING VANUIT DRIE PERSPECTIEVEN

 

DE SCHRIFTGELEERDE (op de kansel)

 

1       Goedemorgen, ik ben een schriftgeleerde. Gewone mensen kijken tegen mij op. Jarenlang heb ik gestudeerd in de joodse Boeken. Ik ken de Thora, de wet en de profeten op mijn duimpje. Ja, ik weet precies hoe ik de Bijbel moet verklaren, letter voor letter. Zeker, ik ben theologisch zeer goed geschoold, ik slaagde cum laude en nu leid ik ook leerlingen op. De wet moet stipt worden nageleefd, anders krijg je brokken. Wij theologen weten hoe de mensen perfect moeten leven: wat wel/niet mag op de sabbat, wat je wel en niet hoort te eten, hoe je moet omgaan met onreine mensen. Zo leven wij punctueel volgens de letter van de wet. Mensen die dat niet doen, komen bij ons op de zwarte lijst te staan.

2       Gewone mensen kijken erg op tegen mij en mijn collega’s…maar de laatste tijd wordt dat minder. Sinds die Jezus uit Nazaret hier in de synagoge zijn onderricht geeft. Hij legt de Bijbel heel anders uit dan wij. Bij hem geen enkele hoogmoed, geen dogma’s, geen strakke regels… Ik weet niet wat ik hoor. Een andere leer, een nieuwe visie, zo anders dan wij de mensen voorhouden. En de mensen, ze hangen aan zijn lippen. Die Jezus weet niet alleen hun verstand, maar ook hun hart te raken. Hij maakt grote indruk. Zijn levenslessen hebben diepe impact. Ik word er jaloers van. Ik ben boos op die ketter. Dit gaat ons klanten kosten. Dit loopt faliekant mis. Daar moeten we een stokje voor steken. Ik ga eens met mijn collega’s praten hoe we die Jezus, de neprabbi met zijn fake-nieuws, het zwijgen kunnen opleggen. Het moet toch niet gekker worden.      

(Lied 533: 3 en refrein)

 

3       DE MAN MET DE ONREINE GEEST

 

Ik ben een man met een boze geest. Ze noemen mij onrein. Ik tel niet mee. Ik hoor er niet bij. Kan ik het helpen dat ik zo ben? Mijn ouders stierven jong en mijn pleegouders gaven me dikwijls rake klappen. Goed, ik was bepaald geen lieverdje, maar door dit alles ben ik me opgejaagd en neurotisch gaan voelen. Het is chaos in mijn hoofd, en mijn hart is super gevoelig voor prikkels. Ik mijd de gemeenschap en de gemeenschap mijdt mij. De laatste tijd begon het te kriebelen. Ik ben me gaan verdiepen in geloof en zo. Ik ben op zoek naar God. En zo kwam ik hier in de synagoge. Illegaal natuurlijk, maar ik had me steeds goed vermomd. En toen hoorde ik op een sabbat Jezus. Hij sprak zo anders dan de andere schriftgeleerden. Hij legde de Bijbel persoonlijk uit en dat raakte me diep. Ik wist niet wat er met me gebeurde. Ineens kwamen alle spoken en opgekropte frustraties in mij naar boven. Ik voelde dat een boze geest me opnieuw in bezit nam. En toen begon ik te vloeken en te tieren, te schelden en te schreeuwen. Iedereen raakte verstijfd van schrik. Ik krijste naar die Jezus: ‘Wat hebben wij met jou te maken, Jezus? Wil je ons vernietigen? Ik ken jou, jij bent de heilige van God.’ En meteen daarna dreef Jezus de demon uit mij. Ik voelde me vrij. Ik voelde me opnieuw geboren en getogen. Vanaf die dag ben ik Jezus op de voet gaan volgen. De liefde van God maakt een ander mens van mij. Zijn nieuwe leer en zijn nieuwe levenswijze laten me nooit meer los.            

(Lied 533: 4 en refrein)

 

4       JEZUS

 

Lieve mensen, ik ben Jezus van Nazaret. Lang heb ik gewacht met mijn optreden in Galilea. Maar toen Johannes me had gedoopt, wist ik wat me te doen stond. Ik voelde de geest van Hierboven op me neerdalen. Ik wist me op slag verlicht door de grote liefde van onze Vader in de hemel. En toen begon ik met mijn nieuwe visie en missie. Mijn visie is: Kijk, het Koninkrijk van God ligt vlak voor je. Het is eigenlijk al in jou. Zie je het niet? En mijn missie is: mensen roepen en opvissen om mij na te volgen. Want God houdt van iedereen, geen mens uitgezonderd. Daarom geldt er maar één basisregel: Heb God lief en heb de ander lief als jezelf.

Eerst verzamelde ik twaalf leerlingen om me heen. Maar ik wilde meer. Ik begon te spreken in de synagoge van Kafarnaüm. Van sabbat op sabbat. Ik wilde het goede nieuws over Gods liefde voor iedereen bekend maken. Zo legde ik de joodse schriften uit. Ik merkte dat dit evangelie, en mijn visie en missie, grote impact begonnen te krijgen bij de toehoorders.

 

5       Op een sabbat, toen ik weer enthousiast onderricht gaf, stond er iemand op om fel te protesteren. Hij schreeuwde aan een stuk door en speelde op de man. Ik had meteen door dat een onreine geest hem gevangenhield. Het evangelie kan inderdaad op je zenuwen werken. Dan kunnen heftige emoties naar boven komen. Die man, ik moest hem bevrijden, ik moest hem redden. En daarom joeg ik zijn demon de stuipen op het lijf. Ik legde al zijn innerlijke barricades het zwijgen op. Ze verlieten de man onder luid geschreeuw.

 

6       Vandaag wil ik niets anders doen dan toen. Ik wil jullie opnieuw vertellen over de impact van Gods grote liefde. Kijk daarnaar. Laat dat op je inwerken. En als je dat doet, kunnen de boze geesten in jou gaan opspelen.

Boze geesten, zeg je, ja die zijn er nog steeds.

Ik heb ze gezien: toen die aparte Trumpaanhangers enkele weken geleden het Capitool bestormden. Ik zag ze onlangs toen vandalen in Eindhoven, Urk, ja zelfs hier in Zwolle alles kort en klein sloegen uit onvrede tegen de avondklok.

Maar zeg niet, die boze geesten zitten in anderen. Ieder van ons kan gekweld worden door zoiets als een demon.  Daarom wil ik je vragen om daar de komende week eens bij stil te staan:

Welke boze geesten roeren zich in jou? Is het je woede op God omdat Hij niets van zich laat zien of horen in deze coronatijd? Of is het jouw zelfbeeld dat vol zit met angsten en stress? Of is je demon jouw troebele blik op iemand anders die je maar raar en dwaas vindt?

 

Ik wens je in elk geval de liefde van God toe.

Liefde die alle mensen tevoorschijn kan kijken.

Liefde die boze geesten de stuipen op het lijf jaagt.

Liefde die sterker is dan de dood.

 

Ga met God, wandel in Zijn liefde en Hij zal met je zijn.

Amen.

 


JEZUS’ VISIE EN MISSIE

Marcus 1: 15                                 24 januari 2021, onlinekerkdienst in de Adventskerk te Zwolle

 

Lieve mensen,

 

1       Een beetje kerkgemeenschap hoort vandaag de dag wel te werken met een visie en missie. Anders tel je toch niet mee. Met een visie bedoelen we: hoe zien we onszelf als kerk in de nabije toekomst? Waar gaan we voor? Onder missie verstaan we: wat drijft ons? Waar is onze roeping?

Meestal gaat een kerkenraad eerst een dag in conclaaf. Ik heb al heel wat zogenaamde ‘heidagen’ mogen meemaken. Na een brainstormsessie mag een redactiegroepje verder aan de slag. Meestal komt er iets heel moois uit aan concrete ideeën. Ook ons cluster Adventskerk-Oosterkerk heeft dat beleidsproces recent ondergaan. Het resultaat ervan kunt u lezen onze website. Hoe zien wij onszelf als clusterkerk over enkele jaren en hoe willen we dat bereiken? Met een visie en missie willen we elkaar enthousiasmeren. We leggen opnieuw getuigenis af van onze identiteit en hoe we ons geloof in God in de stad handen en voeten willen geven. Daarbij beroepen we ons op teksten uit de Bijbel die ons raken en motiveren.

 

2       Volgens mij zouden daarbij de woorden van Marcus heel goed kunnen passen. Tijdens de voorbereiding van deze dienst stelde ik mezelf daarom eens deze vraag: wat zou Jezus ons aanreiken als het om onze visie en missie gaat?

Allereerst de visie: de blik, Jezus’ manier van kijken. We horen Hem het goede nieuws verkondigen in Galilea. En wat is zijn evangelie? Jezus’ visie luidt kortweg: De tijd is rijp, Gods Koninkrijk is dichtbij, draai je om en vertrouw dit goede nieuws.

 

3       Ik voel me hier zelf uitgedaagd om met de ogen van Jezus te gaan kijken. En hoe geldt dat voor u en jou? Hoe kijk jij naar deze tijd? Hoe zie je Gods rijk? En weet Jezus’ blik jou zo te raken, dat je misschien ook durft te veranderen?

Dat zijn kernvragen die kerken zichzelf steeds weer horen te stellen. Zo blijven we scherp en alert.

De tijd is rijp. D.w.z. het is de hoogste tijd. Het is alsof ik een sirene uit de hemel hoor. NB: Jezus heeft het hier dus niet over de tijd van onze horloges en klokken. Het Griekse woord hier is Kairos, dat betekent: de juiste tijd, d.w.z. de tijd van God. Heel veelzeggend opereerde ooit een werkgroep vanaf de jaren 70 vorige eeuw tot 2002 vanuit exact diezelfde naam: Kairos. Deze werkgroep verzette zich indertijd tegen het onrecht van de apartheid en het racisme in Zuid-Afrika. Want de tijd van God, dat is tegelijkertijd de tijd van recht en gerechtigheid.

De vraag aan ons is: Maak ik wel echt tijd voor God? Heb ik tijd voor de lokroep van zijn Liefde, en voor zijn opdracht tot compassie met de minstbedeelden?

 

4       We luisteren verder naar Jezus’ goede boodschap. Hij zegt: Gods koninkrijk is vlakbij. Wat betekent dat toch? Nou, daar kun je zeer ingewikkeld over theologiseren, er zijn boeken vol over geschreven. Onlangs vroeg ik het aan een gemeentelid. En zij sloeg de spijker op z’n kop: ‘Gods rijk’, zo zei zij, ‘dat is de plek hier en nu waar God met ons bezig is.’ (herhaling)

Ja, dat is het. God werkt nog steeds met elk van ons. Alleen als we dat een beetje gaan zien, dan kan de muur tussen Hem en ons wegvallen. De muur tussen onze wereld met alle zorgen en datjes en datjes enerzijds en de wereld van Gods liefde en gerechtigheid anderzijds.

Kunnen we onszelf zo omschakelen dat we daar elke dag aandacht aan geven? Is het geen wonder dat God ons schept, en ons nog altijd herschept en met ons meewandelt elke dag. Zie eens: ik leef, ik haal adem, ik mag weer een nieuwe dag uit zijn hand ontvangen! Is het geen wonder?

We gaan nu door naar Jezus’ missie. Jezus roept vissers tot navolging. Midden in hun arbeid laten zij hun netten en familie achter en zij volgen die bijzondere Visser van Mensen. Vissen, opvissen en netwerken, dat mogen zij in het nieuwe rijk van God gaan doen. Jezus achterna. Dat is hun nieuwe missie, hun roeping en drijfveer. Hoe ontvangen wij deze missionaire opdracht van toen vandaag persoonlijk en als kerk?

 

5       Vandaag staat deze bijzondere onlinedienst in het teken van mensen met een bijzondere opdracht in onze Adventskerk: afscheid en herbevestiging van diakenen en ouderlingen. We zagen mooie filmpjes met persoonlijke ervaringen uit hun mond. Ook als ambtsdrager kun je bezig zijn met Jezus’ visie en missie. Daar zeg je ja op. Er werd soms iets van Gods rijk gezien. Er konden mensen worden bezocht tijdens ziekte en lijden, ze werden geholpen in hun crisis. Er was aandacht voor elkaar en voor de nood in de wereld.

Zoiets valt natuurlijk op tal van manieren te doen (je hoeft er niet per se ambtsdrager voor te zijn). Maar hopelijk prikkelt deze kerkdienst u/jou wel om ook eens na te denken over het wonderschone ambt van diaken of ouderling en een poosje mee te doen. Laat het ons maar weten.

 

6       Gemeente, de blik van Jezus, zijn visie op Gods koninkrijk en onze wereld, dat kan ons elke dag nieuw perspectief bieden. Midden in deze spannende tijd van corona, lockdown en avondklok, blijven er godzijdank glimpen van Gods nieuwe wereld te zien. Waar? Nou, een nieuwe president in Amerika bijvoorbeeld die verzoening en eenheid preekt ipv van haat, leugen en opstand. Of dichterbij: mensen die meeleven met zieken en stervenden, en de helpende hand uitsteken naar hen die geen helper hebben. Daar is God bezig.

Ja, met de visie van Gods liefde kunnen we ons met onze gaven nog altijd geroepen weten tot navolging van Jezus, de bijzondere Visserman. Als we dat doen, zal de missie van God wis en waarachtig slagen. Beloofd is beloofd. Doe je mee? Amen.