WAT EEN WONDER

Johannes 4: 50            27 juni 2021, 1066/1459

 

Lieve mensen,

 

1       Stel je eens voor. Na een gezond leven raak je op een kwade dag ziek. Ernstig ziek. Kanker. Je belandt in het ziekenhuis. De prognose is somber. Wat gaat er door je heen? Je kiest voor een zware behandeling. De kuren zijn lang en moeilijk.

Op een dag hoor je dat Jezus in de stad komt. Wat ga je doen?

Je besluit om Jezus op te zoeken. Daar staat hij in het Weezenlandenpark, omringd door veel mensen. Ineens kijkt hij recht naar jou. Zijn blik dringt diep door in je ziel. Wat gebeurt er met je? Jezus wandelt naar je toe. Hij spreekt jou aan en zegt: ‘Ga maar naar huis, vertrouw en leef!’ ... Hoe reageer jij? Op weg naar huis voel je dat je verandert. Wat is dit? Een wonder, een teken?

 

2       Tot zover deze verbeeldingsoefening. Gemeente, het verhaal over de genezing van de doodzieke jongen blijft toch een wonderlijke gebeurtenis. Hoe moeten we dit toch verstaan? Voor ons moderne lezers roept dit wonderverhaal al gauw meer vragen op dan antwoorden. Klinkt het evangelie hier niet te simpel? Is Jezus dan een wonderdokter? Waarom die jongen wel, en al die andere doodzieke kinderen toen en nu niet? Vragen en nog eens vragen...die kwellen ons al helemaal, als wij zelf of onze familieleden of vrienden geconfronteerd worden met kanker, covid-19 of welke gevreesde ziekte ook maar. Ineens valt alles in duigen. Ineens wordt er een pijnlijke streep getrokken door alles wat tot dan toe gewoon en vanzelfsprekend leek te zijn...Wat nu? Is er nog hoop op genezing?

 

3       Ik blijf zelf steeds worstelen met de Bijbelse genezingsverhalen zoals vanmorgen. Ik zie te veel mensen die niet het geluk hadden dat ze Jezus tegenkwamen en niet beter werden. Toch blijf ik speuren naar tekenen van hoop en vertrouwen in ons verhaal. Johannes vertelt over een tweede wonderteken van Jezus in Galilea. Eerst veranderde Jezus in Kana water in wijn, en nu zorgt hij daar dat de doodzieke zoon weer beter wordt. Het kind  leeft op, zoals iemand hier vertaalt.

Kennelijk zijn de wonderen de wereld nog niet uit. Het verhaal dwingt me om het leven helemaal te omarmen met alles erop en eraan. Hoe vaak vluchten u, jij en ik niet weg voor zoiets als ziekte en dood? Praat er maar niet over. Dat is te moeilijk. Kunnen we niet iets leukers doen?

 

4       Neen, alle leven eindigt vroeg of laat met de dood. Memento mori. Ons leven stuit op tegenslagen, pijn en verbijstering. En daarom kunnen we er nu al het beste over praten en nadenken. Ga naar huis, je zoon leeft, zegt Jezus. En de man geloofde...ik hoor hierin toch op z’n minst een appèl en oefening van hoop en vertrouwen dwars tegen alle bittere gebeurtenissen in. Daar wil ik me graag aan optillen. Daarin zitten kansen om ook zelf opnieuw te leven, op te leven in tijden van crisis. Kennelijk kunnen ziekte en dood niet alleen schade en pijn teweegbrengen, maar wonderwel ook kansen creëren om tot een nieuwe levenshouding te komen. Hoe?

 

5       Ik moet denken aan twee voorbeelden. Allereerst een herinnering. Eens bezocht ik een expositie van de schilderijen van Mark Rothko in Den Haag. Dit doek vond ik mooi. Ik zag er een spiegelbeeld van het leven in. De kleur Rood onder stond voor mij symbool voor de hete strijd in ons bestaan, alles waaraan je je kunt branden. En het gele licht daarboven ademde voor mij het geheim van het Wonder dat LEVEN heet (met hoofdletters geschreven). Toen kwamen er in de zaal 2 ambulancebroeders aan van de stichting Laatste Wens. Zij reden een doodzieke vrouw op een brancard langs de schilderijen. En ze hielden stil bij dit doek. De vrouw keek er via een spiegel aandachtig naar. Om haar mond verscheen een lichte glimlach. Een klein wonder.

 

Het tweede voorbeeld is het verhaal van Therese van Lisieux. Ze ging als jong meisje al het klooster in om dicht bij God te zijn. Maar enkele jaren later werd ze doodziek. Ze kwam in grote geloofsnood. Alles waarin ze tot dan toe had geloofd kwam op losse schroeven te staan. Ze schreef haar autobiografie en uiteindelijk kwam ze tot overgave. Ze bad (dia 4)...

 

Uw liefde, Heer, was me vóór vanaf mijn jeugd.

Zij is met mij opgegroeid.

Nu is zij een afgrond, dieper dan ik peilen kan.

 

Als ik U wil liefhebben zoals U mij bemint,

moet ik Uw eigen Liefde lenen. Dan alleen vind ik rust.

 

Dit is mijn gebed. Ik vraag U, Jezus,

me te halen in de gloed van Uw liefde.

Me zo innig één te maken met U

dat U in mij leeft en handelt.

 

Therese stierf, maar haar verhaal en gebed worden nog altijd gelezen.

 

6       Gemeente, elk genezingsverhaal zoals dat van vandaag kan bij ons vragen oproepen. Wat kunnen wij ermee? Totdat we het verhaal anders gaan lezen en we er een gebed om Gods liefde en hulp in horen. Het wonderteken kan opnieuw doorwerken, als wij ons in het weerbarstige leven blijven verwonderen over het leven dat God ons schenkt.

Misschien kunnen we ons deze week verder oefenen in die nieuwe blik en andere levenshouding:

 

  • Sta eens wat langer stil bij het leven dat God jou schenkt...
  • Verwonder je eens wat vaker over de wonderen die nu al plaatsvinden...
  • Zie eens om naar een zieke of iemand die niet meer beter kan worden.
  • Maak werk van het gebed in tijden van ziekte, zoals eens de dichter van psalm 38 dat deed. Gewoon maar praten met God kan al veel opluchting en verlichting geven.

 

Ga maar naar huis, je zoon leeft. Deze oproep van Jezus en de geloofshouding van de hoveling zijn nog altijd de moeite waard. Wat een wonder als je dat mag zien en daaruit kunt leven.

 

Amen


TERUG NAAR DE BRON

 

Johannes 4:11                      13 juni 2021

 

Lieve mensen,

 

1       Jezus ontmoet een Samaritaanse vrouw bij de Jakobsbron. Onze beroemde schilder Rembrandt van Rhijn maakte daar eens een meesterlijke ets over (zie boven). Dit Bijbelverhaal uit Johannes 4 behoorde tot zijn favorieten, want hij vereeuwigde het tafereel bij de bron wel vaker. We zien hier de Samaritaanse vrouw met haar emmer bij de put op klaarlichte dag. Zij staat fier overeind. Ze kijkt verbaasd naar Jezus, omdat hij haar aanspreekt. Dat was in die dagen not done. Jezus overschrijdt 2 taboes: 1. je hoort als Jood niet om te gaan met Samaritanen, want zij zijn half-gelovigen, dwz ze halveren de Bijbel en hebben slechts genoeg aan de wet/tora. En 2. Je hoort als man niet met een vreemde vrouw te praten. Deze vrouw bij de put reageert vanzelfsprekend zeer verbaasd. En de verbazing wordt gedeeld door de twee mensen rechts. Je ziet hen smoezen: ‘Moet je nou toch zien: een Joodse man en Samaritaanse vrouw, ze praten met elkaar. Is het geen schande?’

En kijk nou eens aandachtig naar Jezus op Rembrandts ets: Jezus maakt een soort van coronagroet; met zijn rechterhand op zijn hart maakt hij een lichte buiging naar de vrouw. En dan die blik in zijn ogen: hij kijkt als een blij kind de vrouw tevoorschijn.

 

2       Met dit beeld etst Rembrandt ons de ware levensbron tegemoet. Als een spiegel voor onze ziel. Treffend, verbluffend, in één oogopslag zien we waar het in dit bijzondere bronverhaal om gaat: Liefde die moet gaan stromen, van mens tot mens, over alle taboes en vastgeroeste regels heen. Of het nu gaat om seksisme, racisme of toeslagenaffaire, liefde moet stromen...

 

Ik begin het verhaal van Johannes 4 steeds mooier te vinden? U ook? Er zit zoveel waars en dieps in. Ik voel me uitgenodigd om niet bij de oppervlakte van de letters te blijven staan. Liefde stroomt van de letters naar de geest, als onderstroom van God. Er komen vragen naar me toe: uit welke bron wil ik putten? Wie of wat geeft mij echt levenswater?

 

Ja, daar bij de oude Jakobsbron wordt een nieuwe bron aangeboord. Het gesprek tussen Jezus en de vrouw gaat van het fysieke water (H2O) over naar het symbolische levenswater, het vruchtwater van de frisse, reinigende en vernieuwende relatie met God, bron van alle leven en samenleven. Voel ik me al een beetje aangeraakt en aangesproken?

‘Geef mij van dit water, dan zal ik nooit meer dorst hebben’, zegt de Samaritaanse vrouw. Kan haar verlangen ons verlangen worden?

 

3       Hoe kom ik van de fysieke Jakobsbron (plek van de oppervlakkige ontmoeting) bij de Jezusbron (als nieuwe ruimte van Gods geest)? God is Geest, zo leert Jezus tot slot. Het is aan ons om ons over te geven en God te aanbidden in geest en waarheid. Hoe doen we dat? Wat is daarvoor nodig in ons leven, vandaag, hier en nu?

 

De beroemde monnik en schrijver Anselm Grün  leerde mij eens om een onderscheid te maken tussen troebele bronnen en heldere bronnen.

Onder troebele bronnen verstaat Grün alles wat ons leven kan verlammen en dreigt kapot te maken. Denk aan perfectionisme: ik moet zo volmaakt mogelijk zijn. Denk aan prestatiedrang: ik moet werken, werken, werken. Denk aan je onderdanig schikken naar de verwachtingen van anderen. Je bent zo bezig om een ander te pleasen dat je er zelf depressief van wordt. Zulke negatieve gedachten en gevoelens werken als troebele bronnen. Ze maken je ongelukkig en al je relaties worden gespannen en loodzwaar.

Neen, als je Jezus’ woorden bij de bron serieus wilt nemen, put je uit een andere bron, dat is de bron van de heilige Geest, die bron is helder, aldus Grün.

Laat de liefde van Christus in jou maar stromen. Sta open vol verwondering, als een kind open voor een echte ontmoeting. Kijk nog even naar de blik van Jezus op de ets van Rembrandt. Hij kijkt deemoedig en aandachtig, blij, vol mededogen en liefde, zo kijkt hij de Samaritaanse vrouw tevoorschijn. Zij mag worden wie zij is: een bemind kind van God.

 

4       Dat is de heldere bron, de ware bron met eeuwig stromend water. Dat water beweegt, staat niet stil en wordt nooit troebel. Ware liefde stroomt als een fontein, een warme douche. De vrouw wordt dankzij Jezus een ander mens. De traditionele uitleg zet haar geheel ten onrechte neer als een slet en mannenverslinder. Vijf mannen heeft ze versleten en nummer 6 is haar man niet. Foei. Johannes valt gelukkig ook anders te lezen en uit te leggen. Namelijk zo: deze vrouw is altijd teleurgesteld geweest in de liefde (en geldt dat niet voor heel veel mensen vandaag?). In Jezus, man nummer 7, een heilig getal, in Christus vindt zij haar ware Jakob, haar werkelijke levensbron!!!

 

Terug naar de bron. Laten wij vandaag opnieuw beginnen om te putten en te drinken uit het verrukkelijke, hemelse bronwater dat nooit op raakt: Deze heldere bron van Gods goede Geest ligt voor het oprapen. Maak er werk van. Hoe?

 

  1. Nou, * Wees dankbaar voor wat God je geeft aan hemelse geschenken. Zoals: de natuur, de zon, ons leven, ons samenzijn, muziek, stilte,..

* Probeer elke dag even een poosje stil te staan bij de vraag: uit welke bron wil ik putten?

* Maak werk van dat bijzondere bronwater uit de Jezusbron, door Hem na te volgen.

* Zie wat vaker om naar elkaar.

* Maak deze week eens heel bewust een gift over aan een goed doel.

* Probeer eens werkelijk te luisteren, als je een ander ontmoet.

* Doorbreek je vooroordelen en vastgeroeste gewoonten

* Word als een kind open en nieuwsgierig...

 

Gemeente, wat valt er toch veel te leren daar bij de bron. Het levende water stroomt nog steeds...kom, laaf je dorst.

Of om het nog eens met Ria Borkent in het schone lied 188 te zeggen:

 

4 Meer dan Jakob, Gij
die uw bron ontsluit voor mij,

laat uw zegeningen stromen,

Christus die mij drenkt
en mij levend water schenkt,

laat mij tot U komen.

 

refrein:
Wij horen helder het geluid
van levendmakend water.
Kom, schenk uw woord als water uit,

vervul ons met genade.

 

Moge het zo zijn.


VLAMMEN ZIJN ER VELE

1 Korintiërs 12: 11       Pinksteren, 23 mei 2021, Ak, 1061/1455

Lieve mensen,

 

1       Vlammen zijn er vele. Als we deze titel van lied 970 als kop in de krant zouden lezen, denken we natuurlijk allereerst aan een grote brand. Slecht nieuws, omdat er rookwolken boven Gaza en Israël hangen. Slecht nieuws wegens een grote bosbrand bij Athene of 40 brandende woningen in de Haagse Schilderswijk. Vuur kan zo vaak verwoesting zaaien en mensen doden. En elke dag gebeurt het weer.

Vlammen zijn er vele. Vandaag met Pinksteren horen we deze zin heel anders. Nu gaat het om goed nieuws, om Pinkstervuur. Het draait om een feest in plaats van een ramp. Om vreugde in plaats van verdriet. ‘Wat heeft dit alles toch te betekenen?’, dat vragen de mensen op het Pinksterfeest in Handelingen 2 zich af. Hun vraag zou onze vraag vandaag kunnen zijn: wat betekent dat alles? Hoe moeten we dat vuur, die wind en die nieuwe geestesgaven zien? Wat betekent het voor ons vandaag, hier en nu?

 

2       Vlammen zijn er vele. Ja, zo lezen we het vanmorgen weer in de Bijbel: ‘vlammen verspreiden zich als vuurtongen op allen die vervuld worden van de heilige Geest.’ M.a.w. de bliksem slaat in. Gods vuur steekt mensen aan. Zijn brandende liefde begint opnieuw te vlammen en te vonken in de harten van Jezus’ leerlingen en volgelingen. Eigenlijk is het een heel aanstekelijk beeld. Een vlam staat hier voor vernieuwend en bezielend leven. Ervaren wij dit? Ons leven kan soms flink overhoopgehaald worden. Overhoop door plaaggeesten en kwelgeesten. Zoals corona, ziekte en overlijden. Ons bestaan kan soms beklemmend aanvoelen. Beklemmend door onze tijdgeest met zijn hectiek en burn-outs. Onze tijdgeest staat wat dat betreft lijnrecht tegenover de warme gaven en goede vruchten van Gods Geest.

 

3       Vlammen zijn er vele. Smeult er diep in onze ziel niet een klein vuurtje? Helaas merken we dit lang niet altijd. Kan het niet al beginnen bij het opstaan en openstaan voor de wonderen in en om ons heen? Is het geen wonder dat we kunnen ademhalen, dat ons hart klopt, dat we mogen leven? Kijk, als we dat een beetje beginnen te zien, dan kan dat kleine vlammetje diep in ons toch al wat feller gaan branden. Of niet?

Met Pinksteren begint het vuur van Gods liefde in heel verschillende mensen met verschillende gaven en talen op te laaien. Ze worden warm, warmer, warmst. Waarom? Omdat ze merken dat ze wat dichter bij Gods heilige licht in de buurt komen.

 

4       Daarover spreekt apostel Paulus trouwens hartverwarmend. Hij telt voor de jonge christelijke gemeente van Korinthe nog maar eens de vitale geschenken van de heilige Geest op. Waar zie je de heilige Geest aan het werk? Dat Pinkstervuur, dat is geen onschuldig binnenbrandje, neen, dat Gods liefde waait als een lopend vuurtje over de aarde tot op de dag van vandaag. Wat betekent dat?

Paulus roept ons daarom op tot aandacht en bezieling. Vlammen zijn er vele. En iedereen kan gaan vlammen. Paulus wijst ons op de geschenken uit de Hemel. Lieve mensen, God geeft ons via de heilige Geest allemaal cadeaus. Vlammen geeft Hij vele. Kijk eens naar onze unieke gaven. Charismata.

 

5       Charisma dan denken wij aan charmes en charismatische talenten, zoals die van de 50-jarige koningin Maxima bijvoorbeeld. Maar nu horen we: iedereen heeft charisma, ja zelfs meer dan één: charismata. Liefdesgeschenken, genadegaven, vruchten van de Geest. Kijk daar eens naar, en help elkaar daarnaar te kijken en stimuleer elkaar met complimenten en positieve feedback. Dan kunnen we gaan gloeien, branden en vlammen.

Verder spreekt Paulus over dienstbetoon. Diakonein in het Grieks. Dankzij de ene Geest kunnen we elkaar op verschillende wijzen helpen. We zijn allemaal diaken dus met de talenten die God ons geeft. En Paulus speekt verder van energie door de Geest. Bruisende kracht, heilzame in-werking...Allemaal prachtige vlammetjes waarmee de ene Geest ons energie geeft om te kunnen werken aan een betere wereld en samenleving.

 

6       Lieve mensen, Pinksteren wil het beste in ons tevoorschijn halen. Gods liefde wil ons hart veroveren. En hoe gaan we daarmee aan de slag?

Gelukkig zijn er mooie voorbeelden te noemen. Afgelopen week werd ik geraakt door een hartverwarmende bezinningsdag met collega’s over vreugde in ons werk. De twee filmpjes laten daar iets van zien. En ik werd getroffen door een artikel in de Stentor over Sohail Yafat.

Tien jaren zit Sohail in een Pakistaanse gevangenis, zonder eerlijk proces, zonder advocaat. Langzaamaan weet Sohail christelijke gevangenen te verenigen. Wanneer hij een kerstfeest weet te organiseren, gebeurt er iets Pinksterachtigs. Sohail: ,,Het ging als een vuurtje door de gevangenis, hoe mooi die bijeenkomst was. Vanaf dat moment werden we gerespecteerd.’’ In 2008 komt er zelfs een kerk in het complex.

Nu verblijft de mensenrechtenactivist Yafat in Zwolle om hier zijn verhaal te vertellen. Daarna zal hij zijn strijd in zijn thuisland voortzetten.

 

7       Gemeente, vandaag beleven we een mooi Pinksterfeest. We mogen weer voorzichtig Pinksteren vieren met 30 mensen. En we zijn blij met de voortzetting van het ambtswerk van onze diaken Ina S. en ouderling Bert L. en met de inzet van Anneke vd M. Mensen met charismata. Natuurlijk, we zouden best nog meer mensen in onze kerkenraad welkom willen heten. Is het niet iets voor jou, om bij deze nieuwe Pinksterstart eens bij jezelf na te gaan: wat kan ik betekenen voor de kerk?

 

 

Van harte gefeliciteerd allemaal met onze vlammetjes. Proficiat, met de warme geschenken die we van God hebt gekregen. Zet je genadegave in voor de ander. Daar wordt de wereld alleen maar beter van. Want:

 

1 Vlammen zijn er vele, één is het licht, licht van Jezus Christus,

3 Gaven schenkt Hij vele, één is de Geest, Geest van Jezus Christus,

4 Velen mogen dienen als onze Heer, wij zijn één in Christus.

5 Leden zijn er vele, één is zijn kerk, wij zijn één in Christus.

 

Amen

Johannes 20: 17        EEN NIEUW BEGIN

Pasen, 4 april 2021

 

Gemeente van onze Heer JC,

 

1       Het Paasevangelie van Johannes bracht ons als collega’s uit Zuid-Afrika en Nederland op dinsdag 16 maart online bij elkaar. We lazen toen in een videobel-ontmoeting diezelfde Bijbelwoorden als vandaag over de Maria uit Magdala en de tuinman. Ze klonken in verschillende talen: Xhosa, Twents, Nederlands, Afrikaans en Engels. Tekst en context kwamen hier via het computerbeeldscherm samen. De context was nu niet apartheid, racisme of armoede, maar het waren corona en Covid-19 die ons allemaal zo enorm bezighielden. Want ook daar in Stellenbosch en Kaapstad liggen de kerkdiensten nu stil, ook daar sterven gemeenteleden aan corona en lijden velen aan angst, stress en grote zorgen.

 

2       Vanuit de context van onze wereldwijde pandemie zoomden we in op Maria uit Magdala. Maria huilt bij het graf. Haar tranen zijn o zo herkenbaar. Een liefste is gestorven. Je hoofd en je hart staan stil. Het is één en al verdriet dat jou verlamt. De tranen van Maria weerspiegelen onze eigen tranen in tijden van rouw en gemis. Wie is het die haar troosten kan? Wie of wat kan haar nog helpen? Jezus spreekt Maria aan. Hij ziet haar tranen; Hij leeft met haar mee, zoals Hij altijd al had gedaan met treurenden op zijn levensweg, ook voor zijn eigen dood en begrafenis. Waarom huil je? Wie zoek je? Maria...

En vervolgens herkent Maria ineens in de tuinman haar Meester!! Ze wil maar één ding en dat is: Jezus omarmen, Hem vasthouden, Hem intens en warm aanraken....

 

3       Het was precies dit ene zinnetje, die ons allen in die beeldbelontmoeting met Zuid-Afrika bezighield. Jezus’ woorden tot Maria: ‘houd mij niet vast.’ Dat kwam binnen.

Na ruim een jaar van corona snakken we er toch allemaal naar. Een kus, een omhelzing, een knuffel, vooral als we geconfronteerd worden met ernstige ziekte en overlijden in familieverband. En steeds weer luidt dat strenge protocol: geef elkaar geen hand, houd anderhalve meter afstand, raak elkaar niet aan.

We voelen ons a.h.w. besmet als paria’s. De jeu is eraf. De angst en stress zitten velen diep onder de huid. Huidhonger, helaas nog even geduld; de vaccinaties komen eraan.

 

4       Raak mij niet aan, die woorden van Christus, de Opgestane en Levende, horen we Pasen anno 2021 met heel andere oren dan vroeger. Maria moet haar oude Jezusbeeld loslaten. Ze moet haar verdriet en angst loslaten. Ze moet accepteren dat de omgang met Christus na Goede Vrijdag van een heel andere orde is. Ze mag door haar tranen heen met andere ogen gaan kijken naar haar dierbare Meester. De ogen van liefde en overgave, de ogen van vertrouwen en hoop.

Jezus, haar gestorven en opgestane Heer, zal nu alle ruimte krijgen om op te stijgen naar de Vader. Pasen brengt allen die achterblijven op een ander niveau, op een andere golflengte. Niet het fysieke contact is wat overblijft, maar juist die geestelijke ontmoeting is wat werkelijk van waarde wordt.

 

Raak mij niet aan...Pasen wil zeggen: laat los, geef alle ruimte aan een nieuwe relatie met Christus. Herzie alles wat je hebt gehoord en gezien in het verleden. Jezus verrijst uit de dood, en hij stijgt boven ons verstand, en Hij stijgt op tot Goddelijke Hoogte. En alleen zo kan Hij op nieuwe wijze binnen dalen diep in ons hart.

 

5       Terug naar ons videogesprek over het Paasevangelie met Zuid-Afrika. Elke deelnemer mocht in één woord zeggen wat Pasen voor hem of haar betekent. Dat leverde deze speciale woordwolk op. Doorbraak, verbazing, leven, troost...maar één woord sprong er echt uit: HOOP.

 

Pasen 2021 vieren wij anders dan anders. We kunnen elkaar nu niet aanraken, geen hand geven, niet samen zingen... Raak mij niet aan. En toch...ondanks deze wereldwijde lockdown klinkt het Paasevangelie des te indringender door. Laat het oude los, en maak ruimte in jouw leven voor de Hoop. Hoop dat dood en onheil niet eeuwig zullen duren; hoop dat Gods liefde toch altijd weer mensen aanraakt en troost geeft en vertrouwen schenkt op een nieuw begin. Of zoals Monique haar verhaal eindigde: “Geloof is voor mij een zoektocht met vragen en twijfels en het laat mij niet los.

Het laat mij niet los, zeker nu niet, in de Paastijd. De afgelopen 40 dagen hebben we gehoord van de 7 werken van barmhartigheid, dit sprak mij aan. Zorgdragen voor elkaar en voor de aarde. Jezus is een daarin een inspirator tot op de dag van vandaag ook voor mij.”

 

6       Maria werd een ander mens. Zij bloeide in de graftuin op. Ze had de Heer gezien! Midden in de dood ervoer ze een nieuw begin nieuw leven. Een ongelooflijk goed bericht om te delen en elkaar toe te zwaaien (zoals in beeld).

Dat ook u, jij en ik ons

in onze crisis zo weten aangesproken

dat ook wij niet bij de pakken neerzitten in onze quarantaine

dat wij ons deze Paasmorgen opnieuw laten voeden

met Gods wonderlijke Liefde, daar in de graftuin

en met het mysterie van Zijn Nieuwe Begin met ons

Zijn Liefde is sterker dan de dood. De Heer is opgestaan.

Hoop op God, houd vol en heb lief.

 

Want eens zullen wij weer samen schouder aan schouder zingen:

Sta op! - Een morgen ongedacht, Gods dag is aangebroken,
er is in één bewogen nacht een nieuwe lente ontloken.

Het leven brak door aarde en steen, uit alle wonderen om u heen spreekt, dat God heeft gesproken.

 

Amen


MARCUS 11: 11           OP WEG MET JEZUS...VAN HOSANNA NAAR DE STILTE     

PALMPASEN zondag 28 maart 2021,

Lieve mensen,  

 

1       Hoe zou Jezus vandaag onze stad Zwolle bezoeken op Palmzondag? Opnieuw op een ezel? Dat lijkt me zeer onwaarschijnlijk. Wij leven toch in een totaal andere wereld. Ezels zien we hooguit in de wei staan. Maar zodra er iemand op gaat zitten, wordt hij vreemd aangekeken, zo niet ervan afgehaald. Is dat niet zielig? Met onze moderne westerse ogen kijken we vreemd aan tegen ezels als rijdier of lastdier. Wij hebben zo onze eigentijdse vervoermiddelen. Met motor of accu.

Het is anno 2021 lastig om Jezus op een ezel in Zwolle of bij onszelf te laten arriveren. Bij een ezel hebben we ook nog eens aparte associaties. Dit arme beest heeft inmiddels een negatieve klank gekregen: zo dom als een ezel. Het is een scheldwoord geworden.

 

2       Het kost ons als Bijbellezers van nu dan ook altijd weer moeite om de symboliek en diepere betekenis ervan in te zien. Voor de volgelingen van Jezus 2000 jaar terug was dat heel anders. Ezels kwam je overal tegen. Iedereen reed erop. En toen Jezus op een ezelsveulen ging rijden, snapten ze meteen de link met de droom van de kleine profeet Zacharia: ‘Zie, de nieuwe vredekoning, die rijdt op een ezel, rechtvaardig en zachtmoedig.’ Het gaat hier dus om de weg van Jezus, als sjofele koning. Zijn weg is niet die van een krachtpatser of hoogmoedige dictator hoog te paard; neen, Jezus’ weg is een weg van eenvoud, deemoed en compassie met de zwakkeren.

 

3       Hoe zou Jezus nu dan aankomen in onze woonplaats? Zouden we hem herkennen? Misschien zou Jezus gewoon een lage fiets pakken. Maar ik ben toch bang dat ik hem niet zou herkennen. Laat staan dan ik voor hem zou staan juichen en zingen in een mensenmassa. Dat laatste zou trouwens in onze coronatijd met zijn lockdown en avondklok ook meteen in de kiem worden gesmoord. Hoe zou ik Jezus dán kunnen zien en ontmoeten?

 

4       Met enige jaloezie kijk ik naar het Palmpaasfeest waarover de evangelist Marcus schrijft. Jezus wil het joodse Pesachfeest gaan vieren. Hij is één van de vele pelgrims. Hij bevindt zich nu op weg naar Jeruzalem op het laatste tussenstation: tussen de dorpen Betfage en Betanië bij de Olijfberg. Deze pelgrimsplek ligt zo’n 3 kilometer verwijderd van de tempel. Dat is, zeg maar, ongeveer de afstand van onze rode Hanzeboog over de IJssel naar de Grote Kerk in hartje Zwolle. Nog even uitrusten, nog even tijd nemen voor een warm bad, voordat de laatste etappe begint.

Het heeft iets van een merkwaardige generale repetitie. Jezus klimt op de ezel. Ineens barst iedereen in jubelzang uit voor deze Messiaanse vredekoning. Ze leggen hun mantels neer, zwaaien met palmtakken en zingen een couplet uit de pelgrimspsalm 118: Hosanna! Hosanna, dat betekent overigens letterlijk: ‘God help ons toch.’ Een schreeuw om hulp.

 

5       Terug naar Zwolle hier en nu in coronatijd. Wat kan dit verhaal voor ons betekenen? Het lijkt zo lang geleden, en zo ver weg. Wij zouden Jezus niet herkennen. Laat staan voor hem juichen. Wat dan?

Ineens viel mijn oog op de slotzin van ons verhaal. Het is zo’n merkwaardige ontknoping. We lezen: Jezus trok de tempel in. Daar nam hij alles in ogenschouw en daarna ging terug naar Betanië.

Alle feestgangers zijn weg, alle hosanna’s zijn verstomd, het is stil op straat en stil op die heilige plek. En Jezus kijkt, en hij kijkt met volle aandacht. Wat zou er nu door hem heen gaan?

 

6       Misschien zit de clou van Palmpasen hem juist wel in die aandachtige ogen, zo realiseerde ik me ineens. Eigenlijk zie en lees ik dat nu pas voor het eerst. In Jezus’ stille meditatie en contemplatie zit wellicht wel de ontknoping. Jezus zoekt in alles het contact met God. Hij kijkt verder en dieper. Hij weet dat Hij de weg naar Jeruzalem nogmaals zal moeten afleggen. Dan als via dolorosa, een weg van pijn en smart, met de dood voor ogen.

 

Wat betekent Palmpasen nu in onze enerverende pandemie? Laten we het zingen en juichen nog even parkeren...laten we nog even diep ademhalen en net als Jezus alles stil en aandachtig in ogenschouw nemen.

 

Komt Hij niet elke dag langs?

Leeft zijn Geest niet voortdurend in ons hart?

Zijn geest van de nederigheid en lankmoedigheid,

de geest van de eenvoud in werken van barmhartigheid.

Daar kan ik zijn stille stem horen

Daar kan ik hem ontmoeten in de ogen van mijn naasten.

De stille stem (Zie bloemschikking)

 

Ik heb honger. Geef jij mij te eten?

Ik heb dorst. Geef jij mij te drinken?

Ik ben naakt. Geef jij mij kleren?

Ik ben gevangen. Kom je mij opzoeken?

Ik ben ziek. Wil je voor mij zorgen?

Alles wat je aan de minste doet, dat doe je aan Christus.

 

Of zoals Mineke met haar verhaal eindigde: Hij heeft aan mij zijn leven

en liefde doorgegeven tot grond van mijn bestaan.

 

Hosanna, gezegend ben je als je komt in de naam van die Heer...

Een goede Stille Week gewenst. Amen

 


EEN INDRUKWEKKEND ONDERRICHT

MARCUS 1: 22                      31 januari 2021, Onlinekerkdienst in de Oosterkerk te Zwolle

 

OVERDENKING VANUIT DRIE PERSPECTIEVEN

 

DE SCHRIFTGELEERDE (op de kansel)

 

1       Goedemorgen, ik ben een schriftgeleerde. Gewone mensen kijken tegen mij op. Jarenlang heb ik gestudeerd in de joodse Boeken. Ik ken de Thora, de wet en de profeten op mijn duimpje. Ja, ik weet precies hoe ik de Bijbel moet verklaren, letter voor letter. Zeker, ik ben theologisch zeer goed geschoold, ik slaagde cum laude en nu leid ik ook leerlingen op. De wet moet stipt worden nageleefd, anders krijg je brokken. Wij theologen weten hoe de mensen perfect moeten leven: wat wel/niet mag op de sabbat, wat je wel en niet hoort te eten, hoe je moet omgaan met onreine mensen. Zo leven wij punctueel volgens de letter van de wet. Mensen die dat niet doen, komen bij ons op de zwarte lijst te staan.

2       Gewone mensen kijken erg op tegen mij en mijn collega’s…maar de laatste tijd wordt dat minder. Sinds die Jezus uit Nazaret hier in de synagoge zijn onderricht geeft. Hij legt de Bijbel heel anders uit dan wij. Bij hem geen enkele hoogmoed, geen dogma’s, geen strakke regels… Ik weet niet wat ik hoor. Een andere leer, een nieuwe visie, zo anders dan wij de mensen voorhouden. En de mensen, ze hangen aan zijn lippen. Die Jezus weet niet alleen hun verstand, maar ook hun hart te raken. Hij maakt grote indruk. Zijn levenslessen hebben diepe impact. Ik word er jaloers van. Ik ben boos op die ketter. Dit gaat ons klanten kosten. Dit loopt faliekant mis. Daar moeten we een stokje voor steken. Ik ga eens met mijn collega’s praten hoe we die Jezus, de neprabbi met zijn fake-nieuws, het zwijgen kunnen opleggen. Het moet toch niet gekker worden.      

(Lied 533: 3 en refrein)

 

3       DE MAN MET DE ONREINE GEEST

 

Ik ben een man met een boze geest. Ze noemen mij onrein. Ik tel niet mee. Ik hoor er niet bij. Kan ik het helpen dat ik zo ben? Mijn ouders stierven jong en mijn pleegouders gaven me dikwijls rake klappen. Goed, ik was bepaald geen lieverdje, maar door dit alles ben ik me opgejaagd en neurotisch gaan voelen. Het is chaos in mijn hoofd, en mijn hart is super gevoelig voor prikkels. Ik mijd de gemeenschap en de gemeenschap mijdt mij. De laatste tijd begon het te kriebelen. Ik ben me gaan verdiepen in geloof en zo. Ik ben op zoek naar God. En zo kwam ik hier in de synagoge. Illegaal natuurlijk, maar ik had me steeds goed vermomd. En toen hoorde ik op een sabbat Jezus. Hij sprak zo anders dan de andere schriftgeleerden. Hij legde de Bijbel persoonlijk uit en dat raakte me diep. Ik wist niet wat er met me gebeurde. Ineens kwamen alle spoken en opgekropte frustraties in mij naar boven. Ik voelde dat een boze geest me opnieuw in bezit nam. En toen begon ik te vloeken en te tieren, te schelden en te schreeuwen. Iedereen raakte verstijfd van schrik. Ik krijste naar die Jezus: ‘Wat hebben wij met jou te maken, Jezus? Wil je ons vernietigen? Ik ken jou, jij bent de heilige van God.’ En meteen daarna dreef Jezus de demon uit mij. Ik voelde me vrij. Ik voelde me opnieuw geboren en getogen. Vanaf die dag ben ik Jezus op de voet gaan volgen. De liefde van God maakt een ander mens van mij. Zijn nieuwe leer en zijn nieuwe levenswijze laten me nooit meer los.            

(Lied 533: 4 en refrein)

 

4       JEZUS

 

Lieve mensen, ik ben Jezus van Nazaret. Lang heb ik gewacht met mijn optreden in Galilea. Maar toen Johannes me had gedoopt, wist ik wat me te doen stond. Ik voelde de geest van Hierboven op me neerdalen. Ik wist me op slag verlicht door de grote liefde van onze Vader in de hemel. En toen begon ik met mijn nieuwe visie en missie. Mijn visie is: Kijk, het Koninkrijk van God ligt vlak voor je. Het is eigenlijk al in jou. Zie je het niet? En mijn missie is: mensen roepen en opvissen om mij na te volgen. Want God houdt van iedereen, geen mens uitgezonderd. Daarom geldt er maar één basisregel: Heb God lief en heb de ander lief als jezelf.

Eerst verzamelde ik twaalf leerlingen om me heen. Maar ik wilde meer. Ik begon te spreken in de synagoge van Kafarnaüm. Van sabbat op sabbat. Ik wilde het goede nieuws over Gods liefde voor iedereen bekend maken. Zo legde ik de joodse schriften uit. Ik merkte dat dit evangelie, en mijn visie en missie, grote impact begonnen te krijgen bij de toehoorders.

 

5       Op een sabbat, toen ik weer enthousiast onderricht gaf, stond er iemand op om fel te protesteren. Hij schreeuwde aan een stuk door en speelde op de man. Ik had meteen door dat een onreine geest hem gevangenhield. Het evangelie kan inderdaad op je zenuwen werken. Dan kunnen heftige emoties naar boven komen. Die man, ik moest hem bevrijden, ik moest hem redden. En daarom joeg ik zijn demon de stuipen op het lijf. Ik legde al zijn innerlijke barricades het zwijgen op. Ze verlieten de man onder luid geschreeuw.

 

6       Vandaag wil ik niets anders doen dan toen. Ik wil jullie opnieuw vertellen over de impact van Gods grote liefde. Kijk daarnaar. Laat dat op je inwerken. En als je dat doet, kunnen de boze geesten in jou gaan opspelen.

Boze geesten, zeg je, ja die zijn er nog steeds.

Ik heb ze gezien: toen die aparte Trumpaanhangers enkele weken geleden het Capitool bestormden. Ik zag ze onlangs toen vandalen in Eindhoven, Urk, ja zelfs hier in Zwolle alles kort en klein sloegen uit onvrede tegen de avondklok.

Maar zeg niet, die boze geesten zitten in anderen. Ieder van ons kan gekweld worden door zoiets als een demon.  Daarom wil ik je vragen om daar de komende week eens bij stil te staan:

Welke boze geesten roeren zich in jou? Is het je woede op God omdat Hij niets van zich laat zien of horen in deze coronatijd? Of is het jouw zelfbeeld dat vol zit met angsten en stress? Of is je demon jouw troebele blik op iemand anders die je maar raar en dwaas vindt?

 

Ik wens je in elk geval de liefde van God toe.

Liefde die alle mensen tevoorschijn kan kijken.

Liefde die boze geesten de stuipen op het lijf jaagt.

Liefde die sterker is dan de dood.

 

Ga met God, wandel in Zijn liefde en Hij zal met je zijn.

Amen.

 


JEZUS’ VISIE EN MISSIE

Marcus 1: 15                                 24 januari 2021, onlinekerkdienst in de Adventskerk te Zwolle

 

Lieve mensen,

 

1       Een beetje kerkgemeenschap hoort vandaag de dag wel te werken met een visie en missie. Anders tel je toch niet mee. Met een visie bedoelen we: hoe zien we onszelf als kerk in de nabije toekomst? Waar gaan we voor? Onder missie verstaan we: wat drijft ons? Waar is onze roeping?

Meestal gaat een kerkenraad eerst een dag in conclaaf. Ik heb al heel wat zogenaamde ‘heidagen’ mogen meemaken. Na een brainstormsessie mag een redactiegroepje verder aan de slag. Meestal komt er iets heel moois uit aan concrete ideeën. Ook ons cluster Adventskerk-Oosterkerk heeft dat beleidsproces recent ondergaan. Het resultaat ervan kunt u lezen onze website. Hoe zien wij onszelf als clusterkerk over enkele jaren en hoe willen we dat bereiken? Met een visie en missie willen we elkaar enthousiasmeren. We leggen opnieuw getuigenis af van onze identiteit en hoe we ons geloof in God in de stad handen en voeten willen geven. Daarbij beroepen we ons op teksten uit de Bijbel die ons raken en motiveren.

 

2       Volgens mij zouden daarbij de woorden van Marcus heel goed kunnen passen. Tijdens de voorbereiding van deze dienst stelde ik mezelf daarom eens deze vraag: wat zou Jezus ons aanreiken als het om onze visie en missie gaat?

Allereerst de visie: de blik, Jezus’ manier van kijken. We horen Hem het goede nieuws verkondigen in Galilea. En wat is zijn evangelie? Jezus’ visie luidt kortweg: De tijd is rijp, Gods Koninkrijk is dichtbij, draai je om en vertrouw dit goede nieuws.

 

3       Ik voel me hier zelf uitgedaagd om met de ogen van Jezus te gaan kijken. En hoe geldt dat voor u en jou? Hoe kijk jij naar deze tijd? Hoe zie je Gods rijk? En weet Jezus’ blik jou zo te raken, dat je misschien ook durft te veranderen?

Dat zijn kernvragen die kerken zichzelf steeds weer horen te stellen. Zo blijven we scherp en alert.

De tijd is rijp. D.w.z. het is de hoogste tijd. Het is alsof ik een sirene uit de hemel hoor. NB: Jezus heeft het hier dus niet over de tijd van onze horloges en klokken. Het Griekse woord hier is Kairos, dat betekent: de juiste tijd, d.w.z. de tijd van God. Heel veelzeggend opereerde ooit een werkgroep vanaf de jaren 70 vorige eeuw tot 2002 vanuit exact diezelfde naam: Kairos. Deze werkgroep verzette zich indertijd tegen het onrecht van de apartheid en het racisme in Zuid-Afrika. Want de tijd van God, dat is tegelijkertijd de tijd van recht en gerechtigheid.

De vraag aan ons is: Maak ik wel echt tijd voor God? Heb ik tijd voor de lokroep van zijn Liefde, en voor zijn opdracht tot compassie met de minstbedeelden?

 

4       We luisteren verder naar Jezus’ goede boodschap. Hij zegt: Gods koninkrijk is vlakbij. Wat betekent dat toch? Nou, daar kun je zeer ingewikkeld over theologiseren, er zijn boeken vol over geschreven. Onlangs vroeg ik het aan een gemeentelid. En zij sloeg de spijker op z’n kop: ‘Gods rijk’, zo zei zij, ‘dat is de plek hier en nu waar God met ons bezig is.’ (herhaling)

Ja, dat is het. God werkt nog steeds met elk van ons. Alleen als we dat een beetje gaan zien, dan kan de muur tussen Hem en ons wegvallen. De muur tussen onze wereld met alle zorgen en datjes en datjes enerzijds en de wereld van Gods liefde en gerechtigheid anderzijds.

Kunnen we onszelf zo omschakelen dat we daar elke dag aandacht aan geven? Is het geen wonder dat God ons schept, en ons nog altijd herschept en met ons meewandelt elke dag. Zie eens: ik leef, ik haal adem, ik mag weer een nieuwe dag uit zijn hand ontvangen! Is het geen wonder?

We gaan nu door naar Jezus’ missie. Jezus roept vissers tot navolging. Midden in hun arbeid laten zij hun netten en familie achter en zij volgen die bijzondere Visser van Mensen. Vissen, opvissen en netwerken, dat mogen zij in het nieuwe rijk van God gaan doen. Jezus achterna. Dat is hun nieuwe missie, hun roeping en drijfveer. Hoe ontvangen wij deze missionaire opdracht van toen vandaag persoonlijk en als kerk?

 

5       Vandaag staat deze bijzondere onlinedienst in het teken van mensen met een bijzondere opdracht in onze Adventskerk: afscheid en herbevestiging van diakenen en ouderlingen. We zagen mooie filmpjes met persoonlijke ervaringen uit hun mond. Ook als ambtsdrager kun je bezig zijn met Jezus’ visie en missie. Daar zeg je ja op. Er werd soms iets van Gods rijk gezien. Er konden mensen worden bezocht tijdens ziekte en lijden, ze werden geholpen in hun crisis. Er was aandacht voor elkaar en voor de nood in de wereld.

Zoiets valt natuurlijk op tal van manieren te doen (je hoeft er niet per se ambtsdrager voor te zijn). Maar hopelijk prikkelt deze kerkdienst u/jou wel om ook eens na te denken over het wonderschone ambt van diaken of ouderling en een poosje mee te doen. Laat het ons maar weten.

 

6       Gemeente, de blik van Jezus, zijn visie op Gods koninkrijk en onze wereld, dat kan ons elke dag nieuw perspectief bieden. Midden in deze spannende tijd van corona, lockdown en avondklok, blijven er godzijdank glimpen van Gods nieuwe wereld te zien. Waar? Nou, een nieuwe president in Amerika bijvoorbeeld die verzoening en eenheid preekt ipv van haat, leugen en opstand. Of dichterbij: mensen die meeleven met zieken en stervenden, en de helpende hand uitsteken naar hen die geen helper hebben. Daar is God bezig.

Ja, met de visie van Gods liefde kunnen we ons met onze gaven nog altijd geroepen weten tot navolging van Jezus, de bijzondere Visserman. Als we dat doen, zal de missie van God wis en waarachtig slagen. Beloofd is beloofd. Doe je mee? Amen.